Een zinken regenpijp monteren is eenvoudiger dan veel mensen denken. Dankzij het schuifsysteem met mof en spie schuif je de buisdelen eenvoudig in elkaar. Solderen is niet nodig. Met de juiste beugels en hulpstukken monteer je snel en netjes een complete hemelwaterafvoer aan de gevel van je woning, schuur, veranda of garage.
Handleiding zinken regenpijp plaatsen
Benodigdheden voor het monteren van een zinken regenpijp
- Zinken regenpijp (HWA-buizen)
- Zinken bochten en hulpstukken
- Regenpijpbeugels
- Stokeinden
- Overschuifwrongen (optioneel, maar aanbevolen)
- Eventueel een vergaarbak, bladafscheider of regentonvuller
Gereedschap
- Boormachine
- Geschikte steenboor of betonboor
- Zaag voor het inkorten van de regenpijp
- Vijl voor het ontbramen van afgezaagde uiteinden
- Rolmaat
- Potlood of marker
- Waterpas
Stappenplan: hoe monteer ik een zinken regenpijp?
Stap 1: Begin bovenaan bij de dakgoot
Monteer een zinken regenpijp altijd van boven naar beneden. Werk vanaf de dakgoot richting de grond zodat de verschillende onderdelen correct in elkaar schuiven en het regenwater goed wordt afgevoerd.
Stap 2: Houd rekening met uitzetting van het zink
Zink zet uit en krimpt door temperatuurverschillen, dat noemen we expansie. Houd daarom altijd ongeveer 2 cm ruimte tussen de onderkant van de dakgoot en de bovenkant van de regenpijp. Zo voorkom je spanning op de verbindingen en blijft de hemelwaterafvoer jarenlang goed functioneren.
Stap 3: Meet de regenpijp op maat
Meet de benodigde lengte van de regenpijp zorgvuldig op. Moet een buisdeel worden ingekort? Zaag de buis dan op maat en werk de zaagsnede netjes af met een vijl. Hierdoor schuiven de onderdelen gemakkelijker in elkaar.
Stap 4: Teken de positie van de regenpijpbeugels af
Bepaal waar de regenpijp tegen de gevel komt te hangen. Teken vervolgens de locaties van de regenpijpbeugels af. Controleer met een waterpas of de regenpijp recht komt te hangen.
Stap 5: Boor de gaten en plaats de stokeinden
Boor de gaten op de afgetekende posities en plaats de stokeinden in de gevel. Monteer vervolgens de regenpijpbeugels op de stokeinden. Plaats de bovenste beugel ongeveer 1 meter onder de dakgoot.
Stap 6: Verbind de buisstukken
Schuif de regenpijpen eenvoudig in elkaar met een overlap van minimaal 5 cm. Dankzij het mof- en spiesysteem ontstaat een stevige verbinding zonder solderen of speciaal gereedschap.
Stap 7: Bevestig de regenpijp in de beugels
Plaats de regenpijp in de beugels en zet deze vast. Houd minimaal 3 cm afstand tussen de regenpijp en de gevel. Hierdoor kan water goed worden afgevoerd en blijft de muur beter beschermd tegen vocht en vervuiling.
Stap 8: Controleer de afstand tussen de beugels
Zet iedere regenpijp minimaal ƩƩn keer per buisdeel vast met een regenpijpbeugel. Houd maximaal 1,40 meter afstand tussen twee beugels. Zo blijft de hemelwaterafvoer stevig aan de gevel bevestigd.
Stap 9: Monteer een uitloop of bochtstuk
Plaats onderaan de regenpijp een bochtstuk of uitloop. Hierdoor wordt het regenwater van de gevel weggeleid en voorkom je opspattend water tegen de muur.